Afgelopen twee weken was ik in de gelegenheid een iPhone 3G te testen. Daarbij heb ik behalve naar het apparaat, het interface-ontwerp en het bedieningsgemak speciaal gelet op de App Store. Dat is de ingebouwde downloadwinkel voor software. Een soort iTunes, maar dan voor programma’tjes. En nóg wat specifieker: ik lette op applicaties die GPS ondersteunen.
Mijn bevindingen heb ik geformuleerd in een column die vanochtend op Bellen.com verscheen. Vrijwel direct na publicatie trad Apples ‘reality distortion field‘ in werking in het reactiepaneel.
Hieronder een bloemlezing uit de column:
“(…) De iPhone is voor ons wat kraaltjes en spiegeltjes voor de inboorlingen waren toen eeuwen geleden de koloniën werden gevormd. De uitgekiende marketingacties van Apple verdoezelen dat de iPhone ronduit slecht presteert op cruciale onderdelen. (…)
Een vriend zei: “Bij íeder Apple-product dat je koopt, krijg je standaard een reality distortion field meegeleverd.” Inderdaad. Apple kan knollen voor citroenen verkopen. Een iPhone kopen is net zo onlogisch als - zeg - je hele huis oranje verven voor voetbal of verkleed als duivel bergopwaarts mee rennen met de bolletjestrui. (…)
Waarom is het niet verstandig om een iPhone te kopen? Dat het toestel soms bevriest als een Windows-computer is nog te overkomen. En dat er (als enige oogappel) geen FM-ontvanger noch een videocamera in zit, is jammer. Maar dat de batterij leeg is na een halve dag intensief gebruik is ronduit onacceptabel. Toen Nokia’s N95 vorig jaar uitkwam, sprak men er schande van dat de batterij soms niet meer dan een dag meeging. Foei! Apple heeft echter de standaard van het acceptabele nog verder verlaagd. Geen haan die er naar kraait. Zodra de batterij bijna leeg is, schakelt kennelijk het onzichtbare, ingebouwde reality distortion field automatisch in.
Wie door de zure appel heen bijt en de slechte batterij accepteert, staat direct aan de rand van de tweede valkuil. Het toestel bevat namelijk een GPS-module en een ingebouwde downloadwinkel voor software. In theorie een perfécte combinatie. Maar de praktijk? Van de bijna 1.000 programma’s in de App Store zijn er nog geen 10 die locatiegevoelig zijn én in Nederland te downloaden. Enkele boeiende uitzonderingen: Omnifocus (takenlijst), Exposure (zie Flickr-foto’s uit je directe omgeving), Twinkle (chatten met mensen in de buurt) en G-Park (herinnert waar je auto staat geparkeerd).
Hoe klein Nederland echt is, blijkt wel uit het feit dat we hier in Nederland zelfs de applicaties van - let wel - eBay, Google en Paypal niet kunnen downloaden. Nederland valt buiten de door hen geautoriseerde distributiegebieden. (…)”
Vergeet niet te klikken en scrollen om de reacties te lezen. Want de tekst hierboven is nog niet de hélft van het verhaal.
Ik was, zoals gemeld, overigens aangenaam verrast met de GPS-gevoelige Twitter-client Twinkle. Je kunt zien welke Twitter-gebruikers zich in een straal van - ik meen - 5, 10, 50 en 100 mijl om je heen bevinden. De verrassing werd alleen maar groter toen duidelijk werd wie er áchter het bedrijf zitten:
“Plus we have great investors, and we love them for believing in our vision: Andy Bechtolsheim, Marc Benioff, Jeff Clavier, Katrina Garnett, Khosla Ventures, Rajeev Motwani, Ben Smith and Rob Theis, to name a few. (…)”
Andy Bechtolsheim is de man die twee jonge gasten als eerste een ton leende om hun internetprojectje uit te werken. Google heette dat projectje. Diezelfde Bechtolsheim richtte Sun Microsystems op … Koshla Ventures is een fonds van een andere Sun-oprichter: Vinod Koshla, een smakken geld verdiende investeerder in tech en groen. Marc Benioff richtte Salesforce.com op. Niet de minsten dus.
Foto’s bij dit verhaal? Geloof het of niet … vergeten :-/
Bron foto: dezibel (CC)
